'Tolerantie moet je verdedigen' / Gooi- en Eemlander, Leidsch Dagblad, Noordhollands Dagblad e.a.


Gesprek met Steven Musch over 'Operatie Menora'.

'Tolerantie moet je verdedigen

De bomaanslag van 1994 op het Joodse gemeenschapcentrum Amia in
Buenos Aires staat hernieuwd in de wereldwijde aandacht door de moord
begin dit jaar op openbaar aanklager Alberto Nis man, die onderzoek
deed naar de aanslag. Voormalig Argentinië-correspondent Jan van der
Putten gebruikte de bomaanslag als uitgangspunt voor een politieke
thriller. Het huis van Jan van der Putten in Alkmaar staat vol met
literatuur, reisverhalen, Chinese beelden en antieke objecten uit
Zuid Europa. Het is de erfenis van een leven als correspondent in
onder andere Frankrijk, Latijns-Amerika, Italië en China. Over die
laatste twee landen schreef Van der Putten meerdere boeken en in 2003
richtte hij als China-expert het bureau Eyes on China op.
Klassieke talen
Van der Putten, geboren in 1941 in Den Haag, studeerde klassieke
talen in Leiden, met als bijvak Hebreeuws. Zelf is hij niet joods,
maar zijn vrouw is van BraziliaansJoodse origine, en zij hebben twee
zoons die in Israel wonen. „Eén van hen heeft zich tot het orthodoxe
Jodendom bekeerd en is in een Jeshiva gaan studeren. De andere is
toevallig een meisje uit Israel tegengekomen, toen hij in China
woonde." Een groot deel van zijn leven (van 1971 tot 1987) werkte Van
der Putten in Latijns Amerika. Eerst voor NRC Handelsblad, daarna
jarenlang voor de Volkskrant. Van '73 tot en met '76, ten tijde van
de junta, was zijn standplaats de Argentijnse hoofdstad Buenos Aires.
Menora
Hij wijst naar een plank in de keuken, waar een kleine Menora op
staat. Deze zevenarmige kandelaar is een belangrijke hoofdrolspeler
in zijn nieuwe boek; voor het eerst geen non-fictie, maar een
thriller, die doet denken aan 'De Da Vinci Code' van Dan Brown. In
'Operatie Menora' duikt de Nederlandse onderzoeksjournalist Jonathan
Hunter in het raadsel van de nog altijd onopgeloste bomaanslag op
het Joodse AMIA centrum in Buenos Aires. Hij ontdekt dat de Menora,
uit de Tweede Tempel in Jeruzalem, de inzet is geweest voor de
aanslag en dat fanatici het machtige religieuze symbool willen
gebruiken voor hun messianistische plannen.
Actueel
De dood van openbaar aanklager Alberto Nisman in Argentinië maakt het
boek, dat deze maand is verschenen, zeer actueel: „Ik heb het boek
niet erg aan hoeven te passen. Nisman komt er nu wel wat uitvoeriger
in voor, in verband met zijn gewelddadige dood, waarvan we rustig
kunnen aannemen dat het geen zelfmoord is geweest..." In januari dit
jaar werd Nisman dood gevonden in zijn appartement in Buenos Aires,
een dag voordat hij zou getuigen tegen de Argentijnse president
Cristina Kirchner, die hij beschuldigde van het in de doofpot stoppen
van het onderzoek naar de aanslag uit 1994. President Kirchner en de
minister van buitenlandse zaken, Hector Timmerman, zouden volgens
Nisman de betrokkenheid van Iran en Hezbollah bij de aanslag hebben
verdoezeld in ruil voor een voordelige oliedeal.
Ingehaald
„De werkelijkheid heeft mijn fantasie nu al ruimschoots ingehaald. Ik
heb de Amia zaak altijd gevolgd en ik heb mij meermaals afgevraagd:
hoe is het in godsnaam mogelijk dat er zo ontzettend weinig zicht is
op wat er echt is gebeurd. Ik had vanaf het begin ook wel door dat er
veel onder het tapijt werd geveegd, maar dat gaat tot op de dag van
vandaag door." Fictie en werkelijkheid lopen door elkaar in 'Operatie
Menora'. Een deel van de informatie is gebaseerd op historische
feiten en de blinde vlekken in de geschiedenis heeft Van der Putten
zelf ingevuld. Hij noemt het daarom een factionthriller. „De rode
draad is dat ik de Menora getuige laat zijn van een hoop historische
gebeurtenissen, waar
vaak veel bloed aan te pas komt.
Jonathan, de hoofdpersoon in het boek, is voor een deel op Van der
Putten zelf gebaseerd. „Zijn gang door de wereld is in grote lijnen
vergelijkbaar met die van mij. Ik ben destijds ook begonnen in
Frankrijk en daarna van de ene staatsgreep naar de andere. De greep
naar de macht door de militaire Junta in Argentinië in 1976 was mijn
tweede grote staatsgreep. De eerste was die op 11 september 1973 in
Chili en tussendoor had ik staatsgrepen meegemaakt in Bolivia en
Uruguay. In Argentinië was het voor velen toch ook een soort
opluchting. Eindelijk zou er een beetje orde op zaken worden ge-
steld, dacht men, maar na de militaire staatsgreep werd de situatie
in het land alleen maar slechter." Veel gebeurtenissen die Van der
Putten van dichtbij heeft meegemaakt komen terug in zijn nieuwe boek.
„Net als Jonathan ben ik verschrikkelijk veel fanatici tegengekomen
gedurende mijn carrière. Wat mij betreft mag iedereen geloven wat hij
wil, zolang hij er andere mensen geen kwaad mee doet. Fanatici hebben
de gewoonte om dat wel te doen, omdat zij denken dat ze de waarheid
in pacht hebben." Zelf ziet hij 'Operatie Menora' daarom als een
kritiek op fanatis-
me, waarbij hij religieus fanatisme, als het meest in het oog
springende voorbeeld heeft genomen. De gewelddadige strijd om de
Menora wordt in het boek namelijk uitgevoerd door verschillende
kerken en sektes, uit Argentinië, de Verenigde Staten en Israel, die
als doel de
bouw van de Derde Tempel in Jeruzalem voor ogen hebben. „Het enige
waar je fanatiek in moet zijn", zegt Van der Putten „is in het
verdedigen van de tolerantie. Daar ben ik onbuigzaam in. Zeg maar
gerust: zeer fanatiek."
Steven Musch
Fictie Operatie Menora jan van der Putten, Uitgever: Nieuw Amsterdam,
€ 19,99.
Jan van der Putten.
FOTO PR




dinsdag 30 november 1999